Ja, we kunnen weer meedoen aan het grote Kerstverhaal van 2008, zie hier.
Zoals ook vorig jaar heb ik mij weer eens gestort op een heus Kerstverhaal volgens het gegeven thema: “Samen zijn”. Het viel weer niet mee, maar dít is hem (althans de eerste, wie weet wat er nog volgt);
‘Koud, koud, koud!!’ riep ze hardop uit. Alsof ze daarmee wat warmte in haar voeten kon schreeuwen. Ze ploeterde nu al een half uur door de kniehoge sneeuw en had geen idee meer waar ze was. ‘Leuk hoor, zo’n wintersport,’ dacht ze. ‘Wat een ellende, ik wil naar huis!’
Ze was samen met een vriendin voor het eerst op wintersport. De beloftes: ‘Lekker skiën, glühwein drinken en flirtende skileraren’ hadden haar doen besluiten haar spaargeld en kerstvakantie op te offeren voor een weekje Oostenrijk. En hier liep ze nu, wanhopig op zoek naar het chalet waar vanavond het ‘feest van het jaar’ plaats zou moeten vinden. ‘Halverwege de berg staan vier chalets, tweede van links, kan niet missen’. Nou, ze hadden er wel even bij mogen zeggen wélke berg, zei ze tegen zichzelf.
Haar vriendin was rechtstreeks vanuit de après-skibar doorgegaan, maar zelf was ze eerst nog even naar het appartement gegaan om zich om te kleden. Spijkerbroek aan, fleurig bloesje en vlotte wandelschoentjes. Helemaal de laatste mode. Maar wel verrekte koud, zelfs mét ski-jas.
Eindelijk zag ze een rij lampjes opdoemen. ‘Daar is het,’ dacht ze. ‘Moet ook wel, want mijn tenen zijn bijna bevroren.’ Moeizaam strompelde ze verder richting de huisjes.
Ondanks de serene rust die om de chalets heen hing liep ze naar het beoogde huisje en klopte hoopvol aan. Na een tiental seconden ging de deur open. Maar in plaats van haar knappe skileraar, stond daar een glimlachende vrouw van middelbare leeftijd. ‘Oh, sorry, ik zit verkeerd. Ik ben op zoek naar het feest van het jaar,’ bibberde zei verlegen.
‘Maar dan zit je hier goed’ zei de vrouw hartelijk, ‘we zitten net gezellig aan het kerstdiner, óns feest van het jaar. Kom binnen, je zier er verkleumd uit’. Ze wilde het liefste verder lopen, maar haar verkleumde voeten konden haar weinig verder dragen. Schuchter liep ze naar binnen en voelde hoe de warmte haar als een deken omsloot.
In de kamer zag ze een familie om de feestelijk gedekte eettafel zitten, met in de hoek een bescheiden maar sierlijk kerstboompje. Behalve de vrouw zag ze een man, twee grootouders en drie kinderen. ‘Wil je wat eten?’ vroeg de grootmoeder. ‘ga lekker zitten, we hebben meer dan genoeg.’ ‘Ik was eigenlijk op weg naar mijn vriendin,’ zei ze, ‘maar ik ben een beetje verdwaalt geloof ik. ‘Ga nu eerst maar even lekker zitten, in deze staat kom je niet veel verder meer,’zei de man, ‘Eet gezellig een hapje mee, dan kan je straks altijd weer verder gaan.’
Een half uurtje later was ze weer opgewarmd en zat ze honderduit te kletsen. Ze voelde zich helemaal thuis. De familie bleek elk jaar samen de kerstdagen te vieren in het chalet. Samen rond de kerstboom en even weg uit het drukke dagelijkse bestaan. Haar gedachten gingen terug naar het verleden, hoe fijn ze het als klein meisje gevonden had om met haar familie Kerst te vieren.
Ondertussen sprak haar vriendin lichtelijk aangeschoten een voicemailtje in: ‘Waar blijf je nou muts? Onze skileraar is er ook, als jij niet snel komt bespring ìk hem.’
Toen ze later haar voicemail afluisterde, dacht ze; ‘Ik heb blijkbaar een mooi feest gemist, maar wie kende elkaar daar echt? Volgend jaar vier ik Kerst weer thuis bij mijn familie, sámen met mijn familie!